Vegan tips

Vegans im Schnee: 5x tips voor een plant based wintersport!

Veganisten zijn net mensen, en net als sommige mensen houden sommige veganisten ook van wintersporten. Lekker op de lange latten of superstoer op je plank van de berg af suizen, genieten van een heerlijke winterzon en/of een vers pak poeder, én natuurlijk de après-ski. Wintersporten betekent een week lang buitenspelen en come on, wie wil dat nou niet?!

Van de traditionele-Europese-bergstreken-cuisine gaan de vegan harten dan weer niét sneller kloppen: kaas (veel kaas!), room (veel room!) en spek (veel spek!) voeren de boventoon. Dat je ook een heerlijke schnitzel, aardappelschotel en zelfs “kaasfondue” zonder dierenleed kan maken is helaas nog niet altijd doorgedrongen tot de alpenweides.

Daarom delen we hier 5x tips om je wintersport plant based, makkelijk én lekker te maken zodat jij je volledig kan richten op wat er echt toe doet: having FUN!

 1. Let op bij het kopen van je gear

Dieren zijn van zichzelf goed beschermd tegen kou, een daarom gebruiken (misbruiken?) mensen graag hun bont, wol, leer en dons om warme jassen, handschoenen, sokken en mutsen van te maken. Misschien was dit in het jaar kruik nodig om te overleven op zo’n koude plek, maar we leven in 2019 en dit is echt helemaal nergens meer voor nodig. Heb je nog spullen liggen van je pre-vegan tijd? No problemo. Draag ze gewoon tot ze op zijn. Vind je het niet chill meer om dierlijke producten te dragen? Snappen we ook. Maak er dan iemand anders blij mee. Weggooien is zonde!

Kijk goed op de etiketten voordat je wat nieuws koopt: soms moet je even zoeken voordat ergens staat dat er “niet uit textiel bestaande delen van dierlijke oorsprong” in verwerkt zijn. Maar zelfs dan moet je voorzichtig zijn: uit onderzoek van de stichting Bont voor Dieren blijkt dat het gebruik van bont niet altijd is aangegeven! Gebruik hun bonttest of koop gewoon lekker iets zonder wollig randje. 

Ook awesome: check de kringloopwinkel voor een outfit. Daar hangen in het winterseizoen vaak de mooiste (lelijkste?) retro skipakken voor een prikkie. Ganz toll!

 2. Kijk waar je naartoe gaat

In grote, bekende skigebieden komen er steeds meer mogelijkheden voor planteneters. In bijvoorbeeld Les Deux Alpes in Frankrijk en Saalbach Hinterglemm in Oostenrijk staan de vegan opties vaak al op de kaart aangegeven! Ga je voor makkelijk dan is het dus aan te raden om naar een populair skigebied te gaan. Vind je het niet vervelend om te vragen naar de opties, of vind je het niet erg om elke dag patat met ketchup te eten/ je eigen bammetjes mee te nemen dan kan je gerust kiezen voor een minder bekender/ kleiner/ kneuteriger gebied.

In beide gevallen loont het om van te voren even op de app HappyCow te kijken. Zo werden wij in het relatief onbekende Saint Francois Lonchamps verrast door dit menu waar je aan de piste een heerlijke vegan burger en vegan hotdogs kon krijgen. YUM!

 3. Doe in één keer alle boodschappen

Wij vinden het chill om ons op wintersport alleen maar bezig te houden met skiën en de vraag of we een Jägerbomb zullen nemen. Daarom plannen we in de laatste grote plaats die we passeren een “boodschappenstop” in. We bedenken een weekmenu (met eventuele gaten om uit eten te gaan), en halen genoeg drinken, beleg, fruit, chips en koekjes om de week mee door te komen. Brood halen we altijd vers ter plekke maar we nemen ook vaak crackers mee voor als we te lui zijn om de deur uit te gaan. Vergeet ook niet om iets van mueslirepen te halen voor als je op de berg ineens trek krijgt. Dit kan je uiteraard ook in Nederland doen, zeker als je van plan bent om in 1x door te rijden.

Bijkomend voordeel is dat je veel goedkoper uit bent, want in die bergdorpjes zijn de supermarkten aanzienlijk duurder!

 4. Leer wat Franse/Duitse/Italiaanse woordjes

Hoewel steeds meer mensen (zeker in toeristische gebieden) een paar woorden Engels spreken, is het leuk én aardig als jij ook wat in de lokale taal kan zeggen. Heel handig als je zo’n verstokte bergbewoner tegenover je hebt die het vertikt om “buitenlands” te praten.

De klassiekers als goedemorgen, goedenavond, alsjeblieft, dankjewel en proost zijn essentieel, maar als vegan is het ook handig om de woorden te weten van de producten die je wel/niet eet. Lang leve Google natuurlijk, maar je kan ook deze hilarische vegan talencursus doen.

 5. Wees een beetje aardig voor horecapersoneel

Uit eigen ervaring weten wij dat werken in een skigebied (in het winterseizoen 😉 ) heel stressvol kan zijn. Er komen honderden mensen per week die zo optimaal mogelijk van hun (vaak duurbetaalde) vakantie willen genieten. Daardoor zijn de medewerkers soms ook niet altijd even vriendelijk. We snappen je: die zure Franse madame die doet alsof ze jouw schitterende Frans niet begrijpt is ook niet gezellig. Maar de stresslevels kunnen aardig oplopen als om 12:30 iedereen in je Stube zit en DIRECT voorzien wil worden van vin chaud, pommes en/of Grosse Biere.

Daarom is deze laatste tip: probeer er begrip voor te hebben als ze niet speciaal rekening kunnen houden met jouw dieetwensen. Uiteraard kan je het vragen; wij zijn al meerdere malen aangenaam verrast. Maar probeer ook aardig te blijven als het niet lukt. Je kan ALTIJD patat met ketchup krijgen en 9 van de 10 keer zit een groene salade er ook nog wel in. Dus hoe erg is het eigenlijk? 

 

Nienke en Tobias (aka Tiny en Toby) zijn ‘Van Die Vegans’, en brengen je alles over vegan eten en koken op lokatie. Niet te moeilijk, niet te serieus, maar wél heel erg leuk en lekker! Wil je ze volgen? Check dan zeker even hun Instagram @vandievegans

 

 

 

 

 

 

Ben jij weleens als vegan op wintersport geweest? Hoe heb je dat ervaren? Kon je makkelijk of moeilijk aan een lekkere maaltijd komen? Ik ben heel benieuwd! Laat het ons zeker even weten in de comments hieronder of via Facebook en Instagram. #vindikleuk

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply